Op 10 september verhoogde de Europese Centrale Bank de rente opnieuw, naar 2,50 procent. Het is de tweede verhoging van dit jaar, na de stap in juni. Wie zijn spaarrekening bij ING, Rabobank of ABN AMRO checkt, ziet daar voorlopig weinig van terug. De grote drie boden medio dit jaar nog 1,25 tot 1,50 procent, terwijl de ECB toen al 2,00 procent depositorente rekende. Dat gat is niet toevallig, en het kost je geld als je er niets aan doet.
De ECB trekt weer aan de renteknop
De renteverhoging van september komt niet uit de lucht vallen. De inflatie in de eurozone liep in augustus op naar 3,3 procent, ruim boven de doelstelling van 2 procent die de ECB hanteert. Met een stap van 25 basispunten reageert de centrale bank op die aanhoudende prijsdruk. Het is bovendien niet de eerste keer dit jaar: op 17 juni verhoogde de ECB de rente ook al, waardoor 2026 een jaar wordt waarin sparen weer iets oplevert, althans op papier. De volgende vergadering staat gepland voor 29 oktober, en analisten houden er rekening mee dat de rente dit jaar nog verder kan oplopen.
Waarom je eigen bank niet meteen meebeweegt
Grote Nederlandse banken hebben weinig haast om renteverhogingen door te geven aan spaarders. Uit onderzoek van het Radar Panel onder ruim 28.000 deelnemers blijkt waarom dat kan: meer dan de helft van de Nederlanders stapt niet over naar een bank met een hogere rente, vooral omdat overstappen rompslomp lijkt. Zolang klanten loyaal blijven, is er voor ING, Rabobank en ABN AMRO weinig reden om snel te schuiven. We schreven eerder al over hoe die trage aanpassing je spaarrekening geld kost, en de renteverhoging van september maakt dat verschil alleen maar groter.
Waar de rente wel meebeweegt
Kijk je verder dan de grote drie, dan zie je een heel ander beeld. Op spaarplatforms die rekeningen bij Europese banken aanbieden, loopt de rente op vrij opneembare spaarrekeningen op tot 2,35 procent, en op spaardeposito's zelfs tot 3,75 procent. Dat is meer dan het dubbele van wat je grootbank je nu biedt. Vooral banken in landen als Italië en Duitsland bewegen sneller mee met het ECB-beleid, simpelweg omdat ze harder concurreren om Europees spaargeld. Zoals we eerder al lieten zien, vreet inflatie stilletjes aan de koopkracht van je spaargeld, dus elk procentpunt extra rente helpt om dat gat kleiner te houden.
Is je geld dan nog wel veilig
De belangrijkste vraag die overblijft: is sparen bij een buitenlandse bank wel verstandig? Binnen de Europese Unie geldt voor elke bankvergunning hetzelfde depositogarantiestelsel. Dat betekent dat je tegoed tot 100.000 euro per persoon per bank beschermd is, ook als die bank in Italië, Duitsland of Frankrijk gevestigd is. De Nederlandsche Bank meldt dat Nederlandse huishoudens hun tegoeden in het buitenland de afgelopen jaren fors hebben laten groeien, wat aangeeft dat steeds meer spaarders die stap durven te zetten. Kijk bij twijfel altijd naar de financiële stabiliteit van het land waar de bank gevestigd is, en check de officiële toelichting van de ECB op het septemberbesluit als je wilt weten waar het rentebeleid nu op stoelt.
Wat dit betekent voor je spaarrekening
Heb je liever meer rendement dan alleen sparen, dan is beleggen in een breed gespreide ETF ook een optie om over na te denken, al hoort daar wel meer risico bij dan bij een spaarrekening. Voor wie puur wil sparen, loont het nu om te rekenen: verplaats je 20.000 euro van 1,25 naar 2,35 procent rente, dan levert dat op jaarbasis 220 euro extra op, zonder dat je risico neemt. Voordat je overstapt, is het slim om dit even na te lopen:
- Check de opnametermijn: bij een deposito zit je geld vast, bij een vrij opneembare rekening niet
- Kijk of de rente vast of variabel is, en voor hoe lang die geldt
- Controleer onder welk depositogarantiestelsel de bank valt en in welk land
- Reken de netto opbrengst uit, want sommige spaarplatforms rekenen kosten voor het openen van een rekening
De ECB vergadert eind oktober weer. Wie nu al vergelijkt, hoeft bij de volgende renteverhoging niet meteen in actie te komen, want dan staat alles al klaar.